Wiskunde C

Wiskunde C is een examenvak in de bovenbouw van het vwo vanaf klas 5. Wiskunde C is dé wiskunde die aansluit bij het profiel Cultuur en Maatschappij. De wiskunde krijgt een plek in de wereld om ons heen. Het rekenen met letters en formules wordt toegepast in concrete contexten, in voorstelbare situaties. Niet het goochelen met getallen wordt benadrukt, maar het analyseren van de vraag en logisch nadenken. Tekstbegrip speelt dan ook een belangrijke rol.

Waar gaat het vak wiskunde C over?

De C van Cultuur speelt in de vraagstukken een belangrijke rol. Dat zie je in de eindexamens, waar veel vraagstukken gaan over kunst en architectuur, en steeds meer ook in de boeken die we op school gebruiken. Bij de Q-highschool trekken we dit nog verder en proberen we de wiskunde ook echt toe te passen op de wereld om ons heen. Regelmatig behandelen we de wiskunde aan de hand van eigen enquêtes of museumbezoek. 

Je kunt het vak kiezen als profielkeuzevak in het CM-profiel, of als keuzevak in de andere profielen. Het onderdeel logisch redeneren ligt op het grensvlak van taal, filosofie en wiskunde. In 2017 bijvoorbeeld ging een serie vragen in het eindexamen over de uitspraak: ‘Als je stoer bent, dan ga je laat naar bed. Jij bent niet stoer, dus jij gaat niet laat naar bed.’ Vorm en ruimte sluit aan bij kunst en architectuur. Dan moet je denken aan het berekenen van inhoud en oppervlakte, het maken van een perspectieftekening, of het analyseren van het perspectief in een foto of schilderij.

Je maakt vooral kennis met nieuwe vakgebieden binnen de wiskunde. Voorbeelden daarvan zijn logica, ruimtemeetkunde, recursie, logaritme en de geschiedenis van de wiskunde. Je leest hier meer over bij: “Wat leer je bij wiskunde C?”

Waarom zou je wiskunde C kiezen?

Er zijn veel universitaire opleidingen die een vwo-diploma met wiskunde als toelatingseis hebben. De kennis die je bij wiskunde C opdoet sluit prima aan bij alle opleiding die logisch volgen op het C&M-profiel. Economisch gerichte studies sluiten aan op het E&M-profiel en vragen dan ook wiskunde A en de meer technische studies gaan als voorkennis uit van wiskunde B dat zit binnen de natuur-profielen. In veel gevallen heb je dus helemaal geen wiskunde A nodig om een vervolgstudie te kiezen; dit is een groot misverstand. Daarnaast zijn de lessen van Wiskunde C binnen de Q-highschool op een andere manier georganiseerd: wij werken in modules in plaats van in lessen, zodat je meer diepgang en dus meer begrip krijgt bij de verschillende onderdelen.

Wat leer je bij wiskunde C?

Het examenprogramma van wiskunde C bevat 8 domeinen die we hieronder kort beschrijven.

Domein A: Vaardigheden
Dit onderdeel is vaak niet direct zichtbaar in de opgaven. Het gaat onder andere over de vertaling van een werkelijke situatie naar een wiskundig model en over het gestructureerd denken bij het aanpakken van een probleem.

Velen kennen het probleem dat ze in een vraagstuk de informatie niet weten te ordenen en dus ook niet weten waar ze moeten beginnen. Deze vaardigheid zullen we in klas 5 en 6 uitgebreid oefenen.

Domein B: Algebra en tellen
Algebra is het rekenen met letters, een onderwerp waar we in de brugklas al mee zijn begonnen. In klas 5 en 6 zullen we de stof van eerdere jaren herhalen. De nadruk zal hierbij liggen op het kunnen herleiden, anders schrijven, van formules. Bij wiskunde C krijgen we de formules aangereikt, maar ze staan niet altijd in de vorm waarmee wij er direct mee kunnen rekenen.

Tellen gaat bijvoorbeeld over het aantal verschillende kentekens of QR-codes die je kan maken, maar ook over het aantal groepjes dat er in een klas gevormd kan worden bij met maken van een opdracht. Je leert hoe je zo’n vraagstuk kan uitrekenen, maar belangrijker nog is dat je gaat zien hoe je zoiets aanpakt. Wiskundige problemen worden gebruikt om te leren hoe je ingewikkelde situaties analyseert zodat je er iets mee kan. Een belangrijke vaardigheid ook buiten de wiskunde!

Domein C: Verbanden
Naast de lineaire, kwadratische en exponentiële functies, die we kennen uit voorgaande jaren, gaan we nu ook machtsfuncties, logaritmische functies en rijen toepassen.

Verschijnselen in de wereld om ons heen zijn met allerlei formules te beschrijven. Om die wereld te kunnen voorspellen, om hem te ordenen, om processen in de wereld te kunnen beheersen leren we hoe hiermee gerekend kan worden. Hiervoor zullen we vaak gebruik maken van de grafische mogelijkheden van de rekenmachine.

Domein D: Veranderingen
Stijgt of daalt een grafiek, en hoe snel dan? Hoe stel je een formule op als je weet hoe snel iets verandert, bijvoorbeeld formules voor de populatie van een bepaalde diersoort.

Domein E: Statistiek en kansrekening
Hoe groot is de kans op kapotte gloeilamp in een verpakking van 4 stuks als de machine gemiddeld genoten van de 1000 gloeilampen er 3 foutief produceert? Het begrip standaardafwijking komt hier om de hoek kijken, maar je begrijpt welk soort vraagstukken we gaan onderzoeken.

Domein F: logisch redeneren
Ligt op het grensvlak van taal, filosofie en wiskunde. In 2017 bijvoorbeeld ging een serie vragen in het eindexamen over de uitspraak: ‘Als je stoer bent, dan ga je laat naar bed. Jij bent niet stoer, dus jij gaat niet laat naar bed.’ Klopt deze uitspraak? Waarom wel of waarom niet? Bij wiskunde C houd je je hiermee bezig.

Domein G: Vorm en ruimte Sluit aan bij kunst en architectuur. Dan moet je denken aan het berekenen van inhoud en oppervlakte, het maken van een perspectieftekening, of het analyseren van het perspectief in een foto of schilderij.

De module over logisch redeneren en vorm en ruimte staat ook open voor leerlingen die géén wiskunde C volgen. Deze interessante onderwerpen komen nergens anders in het schoolprogramma terug, en de geïnteresseerde leerling kan hiervoor een certificaat behalen bij de Q-Highschool.

Past wiskunde C bij mij?

Hieronder staat de link naar de website van het ministerie van Onderwijs, Cultuur & Wetenschap, waarin je kunt vinden welke soort wiskunde verplicht is voor welke wetenschappelijke opleiding. Zo kom je heel snel te weten of wiskunde C iets voor jou is, of dat je toch voor wiskunde A of B moet kiezen:

https://wetten.overheid.nl/BWBR0035059/2018-09-01#BijlageA

Losse modules kiezen

Binnen de Q-highschool kun je ervoor kiezen om losse modules (van 8 weken) te volgen voor wiskunde D. Dat kun je doen als je wiskunde B in je vakkenpakket hebt en je nog wat meer uitdaging zoekt op wiskundegebied. Wanneer je een losse module kiest, moet je er even op letten welke voorkennis je nodig hebt om een module succesvol af te kunnen ronden. Dat is steeds aangegeven bij de beschrijving van de modules. Ook als je een losse module volgt, maak je de toets of de praktijkopdracht die daarbij hoort. Na afloop ontvang je een certificaat.

Examen doen in wiskunde C?

Je kunt er ook voor kiezen om examen te doen in het vak Wiskunde C. 

De inhoud van Wiskunde C ligt om die reden grotendeels vast: een aantal wiskundeonderwerpen moet dan aan de orde komen. Toch geeft de Q-highschool ons als docenten de vrijheid om een flexibel programma in te richten . Wiskunde C komt als geheel programma neer op 440 uren. Iedere module wordt afgesloten met een product, een opdracht of een toets. Het schoolexamencijfer dat voor de helft meetelt is het afgeronde gemiddelde van alle SE-toetsen en praktische opdrachten. Het andere cijfer haal je op het centrale eindexamen

 

Lesmatch

Vragen?

Als je na het lezen van deze tekst nog vragen hebt over wiskunde , stel ze dan aan Frank van den Berg f.vandenberg@lorentzlyceum.nl

 

Wat vinden leerlingen van de Q-highschool:

“Je leert leerlingen kennen van verschillende scholen en maakt zo ook nieuwe vrienden. Zeker als je dezelfde interesse deelt”
Charlotte
Mavo/Havo 1
“De Q-highschool is flexibel en ingericht op de individuele leerling. Als leerling heb je ook veel inspraak in de lessen”
Daan
Havo 4
“De sfeer bij de Q-highschool is relaxt en informeel, je kunt een goede band opbouwen met je docent”
Suze
Vwo 6

Lesflix, leer overal.

Benieuwd welke modules er op dit moment te vinden zijn in de Q-highschool? Neem dan gerust een kijkje op onze Lesflix pagina.